WAAROM WE MILJARDAIRS VERDEDIGEN

Gepubliceerd op 29 mei 2026 om 23:53

Tijdens de afsluitende netwerkborrel (hou je kop, ik weet het) raakte ik in gesprek met een vakgenoot over de invloed van AI op de samenleving. Nadat ik een niet al te rooskleurig toekomstbeeld had geschetst, vroeg hij me of ik werkelijk dacht dat we ons in de pre-Skynet-fase van de Terminator-films bevonden.

"Dat hangt ervan af," antwoordde ik. "Als AI inderdaad een groot deel van het werk overneemt, dan moet er wel iets gebeuren met de manier waarop we inkomen verdelen. Want als miljoenen mensen hun baan verliezen, moet het geld ergens vandaan komen."

Hij knikte begrijpend.

Dat veranderde echter op het moment dat ik opperde dat een stevige progressieve vermogens- en erfbelasting voor de allerrijksten misschien onderdeel van de oplossing zou kunnen zijn. Zijn gezicht vertrok alsof ik hem persoonlijk had voorgesteld om zijn spaarrekening leeg te halen.

Met zichtbaar toenemende verontwaardiging legde hij uit dat dit een volstrekt asociaal idee was. Hoe durfde ik voor te stellen dat de overheid iemands zuurverdiende geld zou afpakken? En erfbelasting? Dat was volgens hem misschien wel de meest oneerlijke belasting die ooit was bedacht. De vriendelijke man waarmee ik vijf minuten eerder nog ontspannen stond te praten, stond inmiddels bijna te trillen van woede.

Op dat moment realiseerde ik me twee dingen. Ten eerste dat ik mijn talent om mensen onbedoeld te provoceren nog niet verloren ben. Ten tweede dat er iets merkwaardigs aan de hand is in het politieke debat.

Want mijn gesprekspartner was geen multimiljonair. Geen eigenaar van een investeringsfonds. Geen erfgenaam van een familievermogen. Toch reageerde hij alsof ik persoonlijk een aanval had geopend op zijn toekomstige miljardenerfenis.

En daarin staat hij niet alleen.

Opinieonderzoek laat zien dat minder dan de helft van de Nederlanders voorstander is van hogere belastingen op grote vermogens. Veel mensen willen juist een lagere erfbelasting en minder belasting op schenkingen. Dat is opvallend, want de overgrote meerderheid van de Nederlanders bezit helemaal geen vermogen waarop zulke maatregelen van betekenis zouden zijn.

Dat is geen toeval. Het is het resultaat van een jarenlang politiek verhaal waarin de tegenstelling niet wordt gelegd tussen kapitaal en arbeid, maar tussen de zogenaamde hardwerkende Nederlander en iedereen die daar niet onder zou vallen.

In dat verhaal is de tegenstander niet de multinational die dankzij fiscale constructies nauwelijks belasting betaalt. Niet de belegger die slapend rijker wordt. Niet de pandjesbaas die profiteert van de woningnood.

Nee, de vijand is de uitkeringstrekker. De asielzoeker. De linkse activist. De ambtenaar. De student. De "woke elite".

Rechtse partijen hebben van politieke beeldvorming een kunstvorm gemaakt. Ze begrijpen iets wat links vaak vergeet: politiek draait niet alleen om feiten en beleidsvoorstellen. Politiek draait ook om verhalen. Om emoties. Om het aanwijzen van verantwoordelijken.

Iedere succesvolle politieke beweging heeft een tegenstander nodig.

Voor rechts zijn dat meestal:

  1.  Immigranten en asielzoekers.
  2.  Uitkeringstrekkers
  3.  De woke elite.
  4.  Brussel

Links heeft traditioneel moeite met het aanwijzen van een politieke tegenstander. Vanuit begrijpelijke morele bezwaren wordt vaak geprobeerd de complexiteit van problemen te benadrukken. Maar zonder duidelijke tegenmacht blijft ook onduidelijk waartegen je strijdt.

Daardoor ontstaat een merkwaardige situatie: mensen die economisch gezien nauwelijks profiteren van lage vermogensbelastingen verdedigen die belastingen alsof hun eigen toekomst ervan afhangt.

Misschien wordt het tijd dat links weer wat explicieter benoemt waar macht en geld zich daadwerkelijk concentreren.

Niet bij vluchtelingen.

Niet bij studenten.

Niet bij mensen in de bijstand.

Maar bij grote vermogens, belastingontwijkende multinationals en een economisch systeem waarin kapitaal veel sneller groeit dan arbeid wordt beloond. 

Want vrijwel elk groot maatschappelijk probleem waar Nederland mee worstelt — woningnood, zorg, armoede, onderwijs, klimaat en natuur — wordt uiteindelijk gepresenteerd als een geldprobleem.

De vraag is alleen: is er werkelijk te weinig geld, of zit het geld op de verkeerde plek?

En misschien is dat precies de discussie die sommige partijen liever niet voeren.

Zolang de aandacht uitgaat naar de asielzoeker, hoeft niemand het te hebben over de aandeelhouder.

Zolang mensen boos zijn op vluchtelingen, stellen ze geen vragen over belastingconstructies.

En zolang de boosdoener buiten beeld blijft, verandert er niets aan de verdeling van macht en vermogen.

Misschien leven we inderdaad in de pre-Skynet-periode. Alleen zijn het voorlopig niet de machines die ons tegen elkaar uitspelen.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.